| drempels weg | | | site-info | | | contact | | | login | | | | | mail deze pagina |
|
|
|

| Ruimtelijke Economie Groningen |
Koninklijke onderscheiding Jan Oosterhaven
Maandag 7 juni 2010 kreeg prof.dr. Jan Oosterhaven een Koninklijke Onderscheiding uitgereikt tijdens een ter gelegenheid van zijn emeritaat georganiseerd afscheid, waar hij ook zijn afscheidscollege uitsprak. Oosterhaven is hoogleraar Ruimtelijke Economie bij de Faculteit Economie en Bedrijfskunde. Hij kreeg de onderscheiding uit handen van de loco-burgemeester van de gemeente Groningen. Oosterhaven is benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau.
Zie verder het persbericht
16 oktober 2008
Spoor Groningen-Emmen beter dan stoppen in Stadskanaal
Het verlenging van de in 2010 te starten treinverbinding Groningen-Veendam naar Emmen is bijna zeker gunstiger dan een verlenging die stopt in Musselkanaal. Dit is de uitkomst van het scriptie-onderzoek van student Diederick van der Lely onder leiding van professor Jan Oosterhaven van de Rijksuniversiteit Groningen. Het belangrijkste voordeel bestaat uit het veel grotere aantal buspassagiers dat overstapt naar de trein bij een verlenging tot Emmen en dat betekent een hogere kaartverkoop voor de vervoerder en een belangrijke winst in reistijd en comfort voor de passagiers.
De scriptie bevat een volledig overzicht van alle maatschappelijke kosten en baten van de ingebruikname van de goederenspoorlijn naar Veendam voor passagiersvervoer, alsmede van de ombouw van de museumspoorlijn STAR tussen Veendam en Musselkanaal voor regulier passagiersvervoer en de verlenging van die lijn naar Emmen. Aansluiting in Emmen op de bestaande spoorlijn naar Zwolle betekent dat Oost-Groningen een directe spoorverbinding met de rest van het land krijgt en Emmen een directe spoorverbinding met Groningen en Duitsland.
De belangrijkste kosten en baten zijn voor een periode van vijftig jaar in geld uitgedrukt. De netto contante waarde van die stromen komt voor het spoor Groningen-Veendam op minus 30 miljoen euro. Voor het spoor Groningen-Musselkanaal is dat minus 80 miljoen en voor Groningen-Emmen minus ruim 60 miljoen. Een dergelijke negatieve uitkomst is voor openbaar vervoerprojecten in Nederland vrij gebruikelijk.
Van de kosten en baten die niet in geld zijn uitgedrukt is het of niet duidelijk of ze positief of negatief zijn, zoals voor emissies en veiligheid, of ze zijn van relatief geringe betekenis, zoals de effecten op de verkeerscongestie en op milieu en landschap bij de varianten tot en met Musselkanaal. Alleen de verlenging naar Emmen heeft een aantal wel duidelijke niet in geld uitgedrukte effecten, zoals negatieve op het landschap en positieve op de regionale economie en de extra goederenvervoerconnectie met de Randstad.
Tot slot wijst de scriptie er op dat het wenselijk is om nog nader te bestuderen of stoppen in Stadskanaal gunstiger of nog ongunstiger is dan stoppen in Musselkanaal en of het in één keer aanleggen van de hele lijn gunstiger is dan het pas later aanleggen van het laatste stuk Musselkanaal-Emmen waarvan nu is uitgegaan.
Download de volledige scriptie van
student Diederick van der Lely:
scriptie
Download de beleidsmatige samenvatting van professor Jan Oosterhaven:
samenvatting
Op 21 februari 2008 is de nieuwe Noordelijke Arbeidsmarkt Verkenning 2008 verschenen
Archief
Van Eigenwijsheid
naar Eigen Wijsheid
Over de economische toekomst van het Noorden
Arjen van Witteloostuijn & Jan Oosterhaven,
Researchschool SOM, Rijksuniversiteit Groningen, 2006.
Samenvatting. Het Noorden is terug bij af. Het regionale beleid is afgezworen. Deze omslag komt op een moment dat (1) het Noorden de achterstand op de rest van Nederland langzaam leek in te lopen en (2) de schok van de sterk stijgende energieprijzen vooral ook het toch al kwetsbare Noorden lijkt te treffen. In deze beschouwing t.b.v. van de FNV wordt deze recente ontwikkeling kritisch tegen het licht gehouden. In de eerste plaats wordt betoogd dat het zogenaamde Pieken-in-de-Delta beleid mooi, maar ruim onvoldoende is. Daarnaast moet het ontstaan van te diepe dalen worden voorkomen en moet worden gewerkt aan de creatie van een hoogvlakte. In de tweede plaats wordt beargumenteerd dat het ouderwets dirigistische beleid vanuit Den Haag niet meer van deze tijd is. Noordelijke eigen wijsheid zal meer lonen dan Haagse eigenwijsheid – niet alleen voor het Noorden, maar ook de rest van het land.
Klik hier om het rapport in PDF-vorm te downloaden.